karen . hoezee

Gejuich alom.

Archief voor januari, 2007

La Bluesette

Ik ga de mist in.
Wacht ongeduldig op de sneeuw.
Zie slechts een waterzonnetje aan de hemel staan, dat nog net/net niet door de wolken heen piept.
Weder voeder ik de meeuwen.
Ze vechten. Ze krijsen.
Ze pikken en vliegen en landen en rusten en warmen zich aan de schoorsteenwolk.

Binnen zet ik de verwarming een tikkeltje hoger.
Het gas ontvlamt, steekt de rij aan, stuwt warme lucht de hoogte in.

Ik verbrand m’n poep.

Koffie.
Zwart.
Koekje.
Mm. Tikkeltje suiker.

Op de achtergrond, door de wolken heen, klinkt DAAU.

Laat, na deze verkeerde lente, de winterblues weer aanrukken!

Ik ben er klaar voor!

Måser

[Leonard Cohen - Bird on a wire]

De flaneur als lezer, de stad als boek

Ik (her)lees Inspiration Point van Oscar van den Boogaard…
Ik las Allerzielen van Cees Nooteboom…
Ze wandelen er, de een flanerend, de ander zijn blik de grond in borend, met z’n camera de passie filmend, de schijnbare gedrevenheid van honderden voeten, de eenzaamheid tussen de anderen.
Mijn zus woonde er vorig jaar nog.

En ik wil erheen.

Berlijn

Een vreemde stad.
Een stad met een aantrekkingskracht.
Te ontdekken plekken.
Net/Niet als hier. Niet/Net als nu.

Flanieren ist eine art Lektüre der Strasse, wobei Menschengesichter, Auslagen, Schaufenster, Caféterrassen, Bahnen, Autos, Bäume zu lauter gleichberechtigten Buchstaben werden, die zusammen Worte, Sätze und Seiten eines imer neuen Buches geben.
[Franz Hessel, Spazieren in Berlin, 1929]

En ook hier, de kleine stad, worden plannen gemaakt…
(weder en weder en weder)

Hoeveel gebouwen kan een mens ontdekken?
Hoeveel koffie kan een mens drinken?
Hoe ver kan een mens gaan?
Hoeveel boeken kan een mens lezen?
Hoeveel kan een mens meemaken?
Hoe ver kan een mens het schoppen?

Ach ja, en ook:
Hoeveel plannen kan een mens maken?

Ik wil het maximum. Ik wil veel. (Te veel?)
Ik wil niet alleen studeren. Ik wil studeren én.

Ik wil worden.

Als je kroketjes maakt, voel je je er dan zelf één?
En hoe zit dat dan met dieren?
Als je een meeuw ziet, voel je je er dan zelf één?

DKAP

Ik las iets geweldigs:

Enkele jonge kinderen werden in een tijdschrift gevraagd hun mening te geven over enkele cd’s.
Ze luisterden even, en gaven dan gekke, harde, of vreemde commentaar.

Twee meisjes van twaalf en dertien hadden het plots over een nogal cryptische afkorting.
“Dit is echt DKAP.”
Toen de reporter op nogal knullige wijze “Eh!?” uitkraamde, zei één van hen:

Domme Krullige Aangebrande Pannenkoek-muziek

Nou, het ziet ernaar uit dat ik m’n muziekstijl-omschrijving gevonden heb, jongens!

En wat zouden ze nou zo omschreven hebben, denken jullie?

Zelfportret – stokje

Ondanks al m’n voornemens ontdekte ik plots (en veel en veel te laat) dat ik een stokje toegeworpen had gekregen!
Van vuur dan nog wel!
Ik moet een zelfportret maken zonder er al te veel over na te denken.
Nou, en hier is het dan…

01010033.JPG

Nogal klein, je klikt best even om goed te zien wat ik ervan gemaakt heb!
Inderdaad, m’n hoofd, reusachtig op de muur, en ook nog eens, zeer onduidelijk, in de spiegel.

Nu is wel zo dat het niet echt echt de bedoeling was dat het nogal wazig was…
maar nu vind ik dat eigenlijk niet zo erg!

Niet omdat ik vind dat jullie niet mogen weten hoe ik eruitzie, maar wel omdat ik hou van het idee dat de spiegel er niet in geslaagd is m’n exacte weerspiegeling te geven…

Ik heb de spiegel kunnen bedriegen!

Nou, vuur, bedankt!

En het stokje gaat naar…
Miss Jan!

{Of is één niet genoeg? Nou, even wel… :) }

Jag tar en paus…

betekent zoveel als: Ik neem een pauze…

Jongens, meisjes, ik ga er even tussenuit!
Neen, niet op reis.
Even, een week en nog een halve kluts, zal ik alhier, op mijn blog, niet meer verschijnen in woorden.
Een rustpauze.
Op dit gebied wel ja, maar eigenlijk gewoon omdat ik nog 4 examens af te leggen heb!
En daar moet ik even voor doorzetten, zie je…

Dus, neem even de tijd, grasduin door m’n archief, zet nog comments alwaar je het niet laten kunt!
En duim voor mij, nog vier keer.

Tot later! Tot straks!

gegroet.

karen

katharsis

Later

Q: Ben je veranderd?
A: Ik ben een eenzame zwerver geworden.

Q: Eenzaam?
A: Gehard, blij, getaand, zelfzeker, het geluk verzuchtend.

Q: Als een zeeman?
A: Een zwerver.

Toen

Ik ga mezelf uitpuren.
Me tot in de diepste krochten van mijn lichaam zuiveren.
Ontgiften.
Louteren.

Mezelf spoelen,
de binnenkant met zand schuren.
Uitknijpen als een tube lijm. Of tandpasta. Of verf. Of…
Mezelf dus.

Overbodigheid bij het grof huisvuil,
essentialiteit vanbinnen.
Alles eruit.
Leeg.

Ik moet individueler worden.
Ik ga individueel worden.

Ik vraag te veel van mensen.

Q: Wat?
A: Aandacht. Bevestiging.

Zoals je soms in een stortbui moet staan om je terug proper te voelen.
Zoals een vogel zijn veren laat drogen in de zon.
Zoals een hond zich na een zwempartij volledig droogschud.
Zoals men soms het landchap verbrandt om nieuw gewas te krijgen.
Zoals de zon elke dag weer opkomt. De maan verdwijnt.
Het wassen van de maan.
Nieuwheid.
Versheid.
Puurheid.

Het hart, ontdaan van zwaarte, daarna bereid, gereed, klaar.
Klaar om nieuwe, individuele indrukken op te doen.
Ze te vatten, bevatten, grijpen, begrijpen.
Klaar als in: helder.
Zo klaar als een klontje.

Zie je haar lopen?
Daar, door de straten van Gent.
Door de straten van de wereld.
Door alle straten.
Door de wereld.

Met verende tred.
Licht.
Weg van de wereld.

Q: Met een glimlach?
A: Mm. Ze is met iets bezig.

Misschien vindt ze iets.
Misschien heeft ze het al gevonden.

De Ultieme Katharsis van het Zijn.
Van Mijn Zijn.
(al die kapitalen)

Q: Wat doe je?
een vage glimlach, misschien tot hem, misschien tot zichzelf
A: Louter dit.

Q: Laat je me er tot toe?
Laat je me toe tot jezelf?
A: Ooit. Allen.

een mens kan zichzelf nooit leren kennen

Ze zaten samen op bed, het ontbijt nog ver weg, genietend, zuchtend zoals je alleen kan zuchten van gelukzaligheid op een zonnige, veelbelovende zondagmorgen.

Straks zou het leven weer doorgaan, zouden ze het bed uitstappen, de trap afhollen, om koffiekoeken gaan, koffie zetten, slurpen,met hun handen door elkaars haar woelen en het hoofd schudden.

En dan weer vervallen in zondagse ledigheid.

Maar nu zaten ze nog gewoon in bed, hun laatse slaap- en droomrestjes friemelden ze uit terwijl ze zich vergenoegd strekten utssen de warrige, witte, frisse lakens.

En toen zei hij het.

“Een mens kan zichzelf nooit leren kennen.”
“Nooit?”
“Nee, nooit.”
“…”
“Wat?”
“Nou.
Gewoon.
Jammer.”

M’n tuin

Ik wil een grote, chaotische, niet geordende tuin, met in de verte een prieel, met water, kabbelend, je hoort het maar je ziet het niet, met struiken met eetbare bessen, met een treurwilg, daaronder een mooi zitplekje met zacht mos, tussen de uitstekende wortels, met misschien ook een moestuin, verstopt tussen fruitbomen, met een overdekt paadje, met veel wilde bloemen (duizenden!), met een vijver waar al dat kabbelend water in uitkomt, zo groot dat je er met een houten bootje op kan peddelen, of een zelfgemaakt vlot, met ook mooie, kleurrijke bloemen, her en der, lage bomen, af en toe een hoge, met katten, met vogels, met een brugje, een heel kleintje, misschien zelfs gewoon maar een plank, geen leuning, met stilte, plekjes waar je je uren kan afzonderen zonder gevonden te worden, met een houten schommelbank, met aarde, hoog opschietend gras, prachtig en weelderig tierend onkruid, met kruiden, met geuren waar je helemaal van verzadigd raakt, met verborgen poortjes in dichte hagen, met liefde, met zonlicht en duisternis, met sneeuw in de winter, met mij erin, draaiend omdat de wereld onder mij draait, draaierig bijna, het hoofd in de wolken, de voeten in het zand, en genieten, genieten, genieten…

Wat ik koester

Ik heb iets prachtig gekregen…
Klein maar o zo fijn.

Het is zo’n Moleskine-boekje.
Maar dan niet een gewoon leeg, maar eentje van

Barcelona.

Met kaartjes, een soort openvouw opberghoekje, uitscheurbare briefjes die je naar hartelust kan uitdelen
(‘Maak vrienden op reis! Leg contact! Verdeel en heers!), met drie (!) bladwijzerlintjes, een zwart, een donker- en een lichtgrijs.
Met kleine stickertjes.
En natuurlijk: met mooi, leeg, witgelig papier.
Om vol te schrijven, te kriebelen, te plakken, …

Hier hou ik nou zo van.
Kleine boekjes, die uitpuilen van herinneringen, ontmoetingen, gebeurtenissen, potloodgekrabbel!
Hm, ik heb er al zin in.

Dit is natuurlijk iets anders, specialer dan mijn andere boekjes.
Een aangepast, doodgewoon kladschriftje, dat ik dan wat ‘gepersonaliseerd’ heb.
Een schriftje dat ik ooit gespoten heb (met zwarte graffiti, dat vond ik toen… mooi), toen in het gras gevallen is en daardoor echt een speciaal, leuk effect gekregen heeft!
Een walgelijk paars blinkend boekje met sterretjes, dat volstaat met gedichten (al dan niet zelfgeschreven, meer niet dan wel, ha)
waarvan ik dan denk: ach, de inhoud is belangrijker dan de vorm…

En dan een heel mooi kleintje, een beetje lijkend op dat van Moleskine, maar dan gevonden in Ikea, zwart, met een zilveren decoratief elementje, met een touwtje dat je eromheen windt om het te sluiten.
Het staat ondertussen vol, maar het blijft fijn erin terug te bladeren.
Meteen zit ik dan weer terug in de tijd van toen (al is het nog maar een jaar, of zelfs bijna twee geleden), met nostalgie in m’n hoofd, heimwee in m’n hart, zwaarmoedigheid in de tenen…

Maar het probleem met zoveel verschillende boekjes is ook dat bijvoorbeeld een mooi tekstje dat ik ergens las, bijna overal terugkomt! Ik zal eens moeten uitpluizen welke eenheid ik ga scheppen, of ik me kan beperken tot slechts één, waarin dan alles staat, en dat in het ‘archief’ verdwijnt zodra het vol zit, en ik weer aan een nieuw kan beginnen!

{Wat is dat nou met die ‘accordeonfile’ die alhier om het uur wordt aangekondigd? Elke keer denk ik dat Friedl gaat zeggen: er is een accordeon op de E40, maar neen, dat blijkt het niet, en hoewel ik het weet, elke keer denk ik het weer, en dan wordt ik steeds opnieuw teleurgesteld!}

Nog even iets uit het boekje dat ik momenteel het meest gebruik, vastneem, bewerk, beschrijf:

Het maakt niet uit.
Dat vind ik nou leuk, ja.
Maar! Wel moet alles, ooit, volstaan.
Het moet bruisen. Verdikken.
Uiteenvallen. Barsten.
Bijgehouden worden. Voor eeuwig!
Voor het nageslacht.
[Wat een ijdel statement. Hoera!]

En het zit eraan te komen.
Het begint vorm te krijgen.

Een vreugdekreet overspoelt de anderen, wordt dan, net op tijd, terug ingeslikt, spoelt vrolijk heen.
Dit is van mij. Dit is mij. Dit is ik.

Het gaat, natuurlijk, over het boekje zelf.
Ja! Je hebt m’n grootste passie ontdekt.

Kijk eens aan!

Lieve, lieve (nieuwe!) lezers…

Als smiling cobra zo’n moeite doet om bezoekers hierheen te lokken, dan wil ik hem én jullie niet teleurstellen!

Bedankt, om mij te steunen, mij meteen met raad bij te staan!
Dat maakt dat ik het weer helemaal zie zitten!
Want dankzij jullie hulp weet ik weer dat dit wel nog zin heeft…
en dus ga ik er (hopelijk nog een heel poosje) mee door!

Alleen… terwijl ik vroeger er meteen iets uitflapte, zal ik dat nu niet meteen meer durven!
Er zijn nu bezoekers, dan wil ik ze ook niet teleurstellen!
Niet dat ik nou meteen heel andere dingen zal schrijven hoor…
Vreest niet!

Dit blijft een blog van gedachten, schrijfsels, samenraapsels, plannen, dromen, gevoelens, uitspattingen,…
Edoch nu misschien met lezers!
Hoezee, zowaar.
Spontaneïteit viert hoogtij!

Ja, dagen als gisteren en eergisteren (met al die positieve comments) hebben me blij gemaakt.
Gek, toch?
Een boost aan lezers, een boost aan comments, een lange, steile rechte in mijn statistiek, dit alles toverde een glimlach op mijn gezicht!

Nou, en voor zij die zich zorgen maken over mijn examens (:))…
vandaag legde ik er één af voor het vak ‘Inleiding tot de voornaamste moderne literaturen’
en hoewel het niet simpel was, leek het toch wonderwel te lukken!
(Al kan je dat natuurlijk nooit met zekerheid stellen.)

Om jullie even op de proef te stellen:

‘Situeer Henry Fielding:’
- 18e eeuw
- 2e helft 19e eeuw
- 17e eeuw
- 1e helft 19e eeuw

En ga het nou niet opzoeken! Parate kennis aanspreken is de boodschap…

Gelukkig volgt, na het studeergeweld van de eerste week, nu een rustige, iets kalmere periode… een week waarin Zweeds de bovenhand zal krijgen!

Dus, jongens, meisjes, dames ende heren,
vanaf nu zal je alhier geregeld nieuwigheden kunnen lezen!
En bedankt voor al die links, m’n blogroll is al meteen heel wat uitgebreider!

Meer? Later!
Of… zometeen.
Maar dit moest even gezegd.

Bedankt.

Gegroet!

Oudere berichten »